Pers de limoenen uit.
Maal de kruiden voor de lamsrack in een keukenmachine fijn samen met het sap van de limoenen en olijfolie.
Zet dit apart.
Mocht de slager de lamsrack niet schoongemaakt hebben en de botjes nog aan elkaar zitten met vet en vlies, snijd het dan tussen de botjes in en schraap de botjes met een mes schoon.
Verdeel het groene kruidenmengsel over beide kanten van de lamsracks.
Laat dit het liefst een dag intrekken. Mocht je deze tijd niet hebben, zorg er dan voor dat het vlees op kamertemperatuur is voor het te gaan bereiden.
Verhit een pan op hoog vuur met een scheut olijfolie en schroei het vlees kort aan. Verwarm de oven voor op 190 graden.
Plaats de lamsracks in een ovenschaal en gaar het vlees voor 15 minuten als je het medium wilt.
Ontpit in de tussentijd de granaatappel en rooster de pijnboompitten goudbruin in een koekenpan met een klein scheutje olijfolie.
Haal de lamsracks uit de oven en laat het even rusten op een snijplank.
Snijd de bosuitjes en verdeel deze samen met de sla, pitten en geitenkaas over de borden. Besprenkel de salade met de extra vierge olijfolie.
Snijd de lamsracks in stukken en serveer deze met de salade.